Voorzorgsmaatregelen
In de directe (woon)omgeving van de patiënt kunt u veel voorzorgsmaatregelen treffen om ongewenste of zelfs gevaarlijke situaties te voorkomen. Als verzorger dient u een omgeving te creëren waarin de patiënt zo gemakkelijk, comfortabel en veilig mogelijk kan functioneren. Dat komt het vertrouwen van de patiënt sterk ten goede en verhoogt tevens uw eigen gemoedsrust. Naarmate het ziekteproces vordert zijn steeds meer veiligheidsvoorzieningen noodzakelijk.
- Stel de meubels zodanig op dat de patiënt zich vrij kan bewegen.
- Verwijder kleden, tapijten of losse vloerbedekking of plak deze stevig vast.Gebruik nachtverlichting, zodat in het donker vooral het toilet gemakkelijk kan worden gevonden.
- Bewaar geneesmiddelen, schoonmaakmiddelen en alcohol in afgesloten kasten.
- Bouw, indien nodig, een rolstoelingang.
- Plaats een mat of zelfklevende antislipstrips in bad en/of douche.
- Installeer handsteunen in het bad.
- Installeer een stoel in de douche.
- Installeer stevige handsteunen rondom de toiletvoorzieningen.
- Installeer een verhoogde toiletzit.
- Gebruik een handdouche.
- Gebruik een slot of kinderbeveiliging op medicijnkastjes en kastjes met schoonmaakmiddelen en andere gevaarlijke producten.
- Bedek de badkraan met zacht materiaal zoals een spons om te voorkomen dat de patiënt zich bezeert wanneer hij uitglijdt in bad.
- Gebruik kranen met kleurcodes, rood voor heet en blauw voor koud.
- Plaats een bordje op de badkamerdeur dat aangeeft dat deze deur de badkamerdeur is.
- Markeer de bovenste en onderste treden van de trap met felgele tape.
- Installeer hekjes boven en beneden aan de trap.
- Maak indien mogelijk een leuning aan beide zijden van de trap.
- Gebruik een slot op deuren naar de kelder of andere trappen.
- Installeer kinderveilige sloten.
- Breng hooggeplaatste sloten op de deuren aan, buiten het bereik van de patiënt. U kunt ook sloten installeren die alleen met behulp van een sleutel zijn te openen. Beveilig de sloten door ze vanaf de andere zijde van de deur in te schroeven zodat de patiënt de schroeven er niet uit kan halen.
- Gebruik dubbele sloten of tweestapssloten.
- Installeer een alarminstallatie op de (buiten)deur.
- Wanneer u zich geen alarminstallatie kunt veroorloven, plaats dan op de (buiten) deur een bel.
- Plaats tekens en/of afbeeldingen op de deuren die de kamers erachter beschrijven (badkamer, toilet, slaapkamer, etc.).
- Zorg dat automatische deuren (bijv. garagedeur) niet langer gebruikt kunnen worden.
- Breng sloten aan op de ramen.
- Zorg dat de buren een reservesleutel hebben of verberg buiten een extra sleutel voor het geval dat de patiënt u ongewild buiten sluit.
- Koop een brandblusapparaat en een rookalarm voor elke verdieping van het huis (inclusief kelder).
- Plaats een rookalarm in de slaapkamer van de patiënt.
- Zorg voor een goede vluchtweg in geval van brand.
- Oefen deze vluchtweg grondig met de patiënt.
- Noteer het alarmnummer 112 op een goede zichtbare plaats.
- Houdt de buitendeuren goed verlicht.
- Zorg dat de temperatuur van het water, dat uit de boiler of geiser komt, met behulp van een thermostaatkraan wordt begrensd.
- Bewaar aanstekers en lucifers op een veilige, afgesloten plek.
- Gebruik geen verplaatsbare staalkachels.
- Houd verwarmingsapparatuur in de gaten.
- Zorg dat er geen elektrische bedrading door open ruimte loopt.
- Zorg voor kinderveilige stopcontacten.
- Zorg voor een identificatieband voor de patiënt, zodat reddingswerkers, politie, medisch personeel en anderen in noodgevallen op de hoogte zijn van de toestand van de patiënt en weten wie ze moeten waarschuwen.
- Houd een recente foto / video-opname van de patiënt bij de hand.
- Voorzie kleding van de patiënt van labels met zijn of haar naam, adres en telefoonnummer, zodat de zoektocht bij eventuele vermissing wordt vergemakkelijkt.
- Verstop autosleutels en koppel indien nodig de accu los als de patiënt niet meer mag rijden, maar dat wel graag wil.
- Als de patiënt hallucineert of last heeft van zijn eigen spiegelbeeld, bedek of verwijder dan de spiegels.
- Houd het medisch dossier te allen tijde bij de hand.
- Koop schoenen of slippers met rubberen zolen zodat de patiënt minder snel valt.
- Bewaar een werkende zaklantaarn naast uw bed.
- Gebruik eventueel een camera in de kamer waarin de patiënt zich bevindt als u in een andere kamer moet zijn.
- Laat de patiënt niet alleen achter in een geparkeerde auto.
